Wijchen, april 2009

Ziekenhuis Emmen legt complexe bariatrie aan banden 

Ten behoeve van een onderzoek naar complicaties bij Sleeve operaties legt het Scheper Ziekenhuis in Emmen tijdelijk de complexe bariatrische ingrepen aan banden. Over 2008 en 2009 zijn inmiddels zes sterfgevallen bevestigd door de Inspectie voor de Volksgezondheid.

Wegens complicaties bij Sleeve operaties heeft Dr. Reijnen zijn werkzaamheden tijdelijk neergelegd ten behoeve van een onderzoek naar de oorzaken van de complicaties en de te betreuren sterfgevallen. Dr Reijnen stond bij de Obesitas Vereniging bekend als kundig chirurg, nader onderzoek laat zien dat vraagtekens over zijn bariatrische expertise op hun plaats zijn. Het onderzoek zal naar verwachting enkele maanden in beslag nemen. Tot die tijd worden enkel eenvoudige bariatrische ingrepen uitgevoerd. De operatieve werkzaamheden en het nazorgtraject wordt door collega dr. Schaep waargenomen.

Bezorgde patienten kunnen contact opnemen met het ziekenhuis: dhr A. van der Boor, tel 0591-691502.

De Obesitas Vereniging wenst de nabestaanden van de slachtoffers sterkte toe de komende tijd en hoopt dat het onderzoek uitsluitsel zal geven over de oorzaken van de complicaties en het droeve overlijden. Zij pleit tevens voor openheid in cijfers over de opleiding, ervaring, aantal complicaties en sterfgevallen per chirurg en ziekenhuis. Hiermee moet de bariatrie erkend worden als uitzonderlijke specialisatie en worden patiënten in staat gesteld weloverwogen een veilige keuze voor een bariatrische ingreep te maken.

Voor meer informatie over de situatie in Emmen, het droeve overlijden van Berry Petersen en het aangrijpende verhaal van Ria Kracht, bekijk de Netwerk uitzending van donderdag 16 april 2009.

Wijchen, januari 2009

Kosten van obesitas

Steeds meer merken we in de media, in de politiek een houding van: laat obese mensen zelf opkomen voor de extra kosten van hun overgewicht. Een standpunt van “eigen schuld, dikke bult” is wel zeer generaliserend. Hierbij wordt voorbij gegaan aan genetische factoren en aan psychosociale omstandigheden. Dit zijn allemaal zaken die overgewicht en eetgewoonten kunnen bepalen.

De vraag is of het eerlijk is dikke mensen extra premie te laten betalen voor hun zorg. Als je dit invoert voor obese mensen, moet je dit dan ook doen voor anorexia- en boulimiapatiënten en fanatieke sporters? Wat te doen met de premie voor drank- drugsverslaafden? Rokers? Dementerende bejaarden? Zo zijn er nog tientallen groepen mensen te bedenken waarvoor de ziektekosten hoger zijn dan gemiddeld. Moeten we voor al deze groeperingen de solidariteitsgedachte uit het oog verliezen?

Is er bij obesitas altijd sprake is van schuld. Volgens een recent rapport van het RIVM is obesitas voor een groot gedeelte te verklaren door genetische factoren. Maar liefst veertig procent van de verschillen in lichaamsgewicht kan geweten worden aan genetische verschillen. Andere onderzoeken stellen dat maar liefst 80% van de variatie in lichaamsomvang genetisch bepaald is. Twintig procent van de gevallen van morbide obesitas kan verklaard worden door erfelijke afwijkingen en lichamelijke defecten. De genen hebben dus een grote invloed op ons lichaamsgewicht en onze omvang. Recent onderzoek van Frayling ea (2007) onder 40.000 mensen onderstreept dat in het geheel van beschikbare informatie over het ontstaan van obesitas, de genetische component nog maar slecht begrepen wordt. Zij stellen dat het idee dat obese mensen alleen zelf schuldig zijn aan hun overgewicht de wereld uit moet.

Uiteindelijk zullen al deze onderzoeken moeten resulteren in een vollediger beeld over obesitas en de erkenning dat obesitas een chronische aandoening is. Er zal in de behandeling rekening gehouden moeten worden met obese patiënten. Obese patiënten zullen zonder vooroordelen behandeld moeten worden. In ziekenhuizen is de neerbuigende, verwijtende betutteling merkbaar en zijn de onderzoekstafels vaak te smal, injectienaalden te kort, bloeddrukmanchetten te krap en operatiehemden te klein. Mensen worden nog steeds naar het magazijn gestuurd om op de goederenweegschaal gewogen te worden, op de personenweegschaal gaat niet. Artsen zouden alleen de moeite moeten nemen om dit uit te zoeken. Ook obese patiënten zijn mensen. Mensen die graag met respect benaderd en in een veilige setting behandeld willen worden.

Als we dit zo zien is er voor de Nederlandse Obesitas Vereniging nog veel te doen in het gevecht tegen onwetendheid, stigmatisering en discriminatie. Obesitas zal geaccepteerd moeten worden als een chronische aandoening waarin geen sprake is van enkel eigen schuld. Een aandoening die zeker geen rechtvaardiging geeft voor het verhogen van de ziektekostenpremie.

Wijchen, oktober 2008

Voedingsmiddelenindustrie weigert rode stippen op producten

De Consumentenbond pleit sinds 2004 met de campagne ‘Bond Kiest Gezond' voor een pakket aan maatregelen om het eetpatroon van mensen te verbeteren. Een van de voorgestelde maatregelen is betere voorlichting door voedingswaarde-etikettering met het Multiple Traffic Light logo. Hierdoor kan de consument in een oogopslag zien of een product bij voorkeur, middenweg, of bij uitzondering gegeten moet worden. Onderzoek van de Food Standards Agency in het Verenigd Koninkrijk, pleit voor invoering van het ‘Multiple Traffic Light Logo'. De aanbeveling van de FSA wordt ondersteund door zowel landelijke als Europese consumenten-, gezondheids- en medische organisaties. Maar liefst 81% van de consumenten is voor een dergelijk herkenbaar, doelmatig en begrijpelijk systeem.

Consumenten kiezen steeds vaker industrieel bereide levensmiddelen. Deze producten zijn gemakkelijk, beschikbaar, betaalbaar en hebben vaak goede houdbaarheid ten opzichte van verse producten. De basisvoedingsmiddelen uit de ‘Schijf van Vijf', zoals verse groenten, fruit en brood, hebben hiermee veel concurrentie. Producten zoals snacks, bewerkte zuivelproducten, ontbijtgranen, kant- en klaarmaaltijden, soepen en sauzen bevatten vaak verborgen vetten, suikers, additieven en zout. Op basis van officiële voedingsadviezen (Schijf van Vijf, Voedselpiramide, Let Op Verborgen Vet, Balansdag, etc.) kan er niet of nauwelijks een inschatting gemaakt worden van de voedingswaarde van niet-basisproducten. Dit terwijl uit onderzoek blijkt dat vooral bewustzijn van het eigen voedingspatroon, naast de fysieke en sociale omgeving, invloed hebben op het voedingsgedrag van de consumenten.

In Nederland zijn tal van logo's, gezondheidsclaims en andere voedingswaarde-etiketten geïntroduceerd. Zoals het Gezonde Keuze Klavertje en het Ik Kies Bewust Logo. Niet duidelijk is op basis van welke inzichten is gekozen voor een bepaald logo of systeem. Opvallend is dat geen van deze systemen voor invoering onafhankelijk onderzocht is op doelmatigheid, begrijpelijkheid en bruikbaarheid voor de consument in het eenvoudiger maken van de gezonde keuze. De logo's worden ingezet ter promotie van gezonde artikelen en niet voor het geven van objectieve informatie aan consumenten. De voedingsmiddelenindustrie weigert rode stippen op de producten te plaatsen. Zonder de inzet van regelgeving zal een eenduidig, onafhankelijk en betrouwbaar voedingslogo niet af te dwingen zijn.

Een informatiesysteem moet:
- gebaseerd zijn op onafhankelijk consumentenonderzoek naar het beste format;
- in één oogopslag de benodigde informatie geven;
- goed in balans zijn qua hoeveelheid informatie en eenvoud;
- in principe geschikt zijn voor alle voedingsmiddelen, zowel gezond als minder gezond;
- idealiter op alle producten kunnen worden toegepast, alhoewel het voor de consument waarschijnlijk het meest nuttig is bij industrieel bereide producten;
- prominent op de verpakking geplaatst worden (voorkant);
- begeleid worden door objectieve uitleg, voorlichting en advies vanuit een overheidsinstantie zoals het Voedingscentrum;
- de voedingsdeskundige criteria moeten onafhankelijk bepaald worden door een betrouwbare instantie, zoals het Voedingscentrum of de EFSA (European Food Standards Agency).

Kijk voor meer informatie op:
http://www.consumentenbond.nl/
www.food.gov.uk/foodlabelling/signposting/
http://www.efsa.europa.eu/

Wijchen, juli 2008

Obesitas chirurgie bij tieners met ernstig obesitas

In het Academisch Ziekenhuis Maastricht ondergaan kinderen met morbide obesitas maagverkleinende operaties. De obesitas behandelrichtlijn legt de grens voor operatief ingrijpen op 18 jaar. Desondanks plaatste bariatrisch chirurg Jan Willem Greve, auteur van de behandelrichtlijn, bij negen tieners een maagband. Bij een elfjarig meisje voerde hij een Gastric Bypass uit. Dokter Greve bevindt zich hiermee op glad ijs, maar met het ontbreken van voldoende conservatieve behandelmogelijkheden heeft de chirurg in uitzonderlijke gevallen geen keuze.

Kinderarts Olga van der Baan ziet gegronde bezwaren. Dokter Van der Baan is verbonden aan Heideheuvel, de enige behandelinstelling in Nederland waar kinderen met ernstig overgewicht intern behandeld worden. "Kinderen komen met een operatie niet af van een verkeerde leefstijl. De oorzaken van het overgewicht moeten aangepakt worden. Bovendien, als je gaat opereren, op welke gronden kom je tot zo'n beslissing? Wat zijn de criteria? Wat voor operaties voer je uit?" Allemaal vragen waarover kinderartsen en chirurgen zich moeten buigen. „Pas als je daarover consensus hebt bereikt, kun je met de ingrepen beginnen. Nu schep je valse verwachtingen en ongelijkheid. Waarom wordt het ene kind wel geopereerd en het andere niet?"

Bariatrisch chirurg in het Rijnstate Ziekenhuis Arnhem, dokter Ignace Janssen, is van mening dat de chirurgen hier uiterst voorzichtig mee om moeten gaan. "Er wordt geknabbeld aan de leeftijdsgrens. Aan de bovenkant, maar ook aan de onderkant. Dit moet bij elk individu zorgvuldig bekeken worden door een team van deskundigen. Hoewel de psychosociale hinder aanzienlijk is bij zeer zware kinderen en pubers, mag het groeiproces niet verstoord worden." In Arnhem, vertelt dokter Janssen, was de jongste bariatrisch patiënt bij hoge uitzondering 17 jaar. "Ik zou het liefste zien dat deze operatieve ingrepen bij kinderen in een wetenschappelijk kader geplaatst worden." Hier zal geld beschikbaar voor moeten komen.

Dokter Gerrit de Groot, internist verbonden aan de Nederlandse Obesitas Kliniek is het met dokter Janssen eens. "Niet elk dik kind komt zomaar in aanmerking voor een operatie. Een zorgvuldige analyse van het risicoprofiel is erg voornaam, op psychologisch en op medisch inhoudelijk gebied. Het hele multidisciplinaire behandeltraject zal verder ontwikkeld moeten worden, want na een operatie begint een ingrijpend veranderingsproces." Dokter de Groot wijst nogmaals op de noodzaak van verder onderzoek. "Doe het in onderzoeksverband en schep die gelegenheid. We weten nu nog onvoldoende. Waarom verdwijnt diabetes type 2 bijvoorbeeld al 3 weken na de Gastric Bypass operatie? Deze en andere vragen moeten eerst uitgekristalliseerd worden." Dokter de Groot pleit ervoor operatief ingrijpen bij ernstig obese kinderen tot een of twee gespecialiseerde centra te beperken, waar de zorgvuldigheid gewaarborgd kan worden.

De Nederlandse Obesitas Vereniging onderstreept dat de kwaliteit van leven van deze kinderen ernstig verslechterd is en dat de chirurgen voor een groot dilemma staan. "Er zijn onvoldoende conservatieve behandelmogelijkheden voor deze groep ernstig zieke kinderen. Wanneer deze kinderen niet behandeld worden, lopen we het risico dat zij de ouders niet zullen overleven," aldus Susanne Kruizinga. Toch dient de grens van 18 jaar gerespecteerd te worden. "Operatief ingrijpen staat vanwege het ingrijpende karakter aan het einde van het behandeltraject voor volwassenen. Wij zien liever dat de conservatieve behandelingen voor kinderen verder ontwikkeld en breder gefaciliteerd worden. Zodat er met zekerheid gezegd kan worden dat er voor de operatie echt 'alles' geprobeerd is." Bovendien vindt zij het dubieus dat vergoedingen zonder problemen gegeven worden. "Dat maakt het gehanteerde argument 'niet bewezen effectief' in de politiek en verzekeringsland bespottelijk, maar opent mogelijk ook deuren naar vooruitgang."

Wijchen, januari 2008

Sonja Bakkeren funest voor stofwisseling

Het is niet de eerste keer dat ‘het sonjabakkeren' ter discussie staat. Eerder liet het Voedingscentrum haar licht al schijnen op deze mengeling van bakerpraatjes, tegeltjeswijsheden en wetenschappelijke onjuistheden. Vreemd dat juist deze methode een aanvullende Univé verzekering als kroon op het werk krijgt. Plukt ú daar nou werkelijk de vruchten van?

Diëten als strategie in de strijd tegen de kilo's zal bij 95% van de diëters niet resulteren in lange termijn gewichtsverlies. Bij ruim de helft zal dit de oorzaak zijn van verdere gewichtsstijging. Dit maakt de populariteit van strenge dieetkuren als oplossing voor dikke -of zichzelf dik vindende- mensen betreurenswaardig. Het verhindert de noodzakelijke aandacht voor wetenschappelijk onderbouwde behandelstrategieën en houdt de illusie in stand dat voor een complex probleem als ernstig overgewicht een eenvoudige oplossing zou volstaan. Sonjabakkeren is niet alleen weinig effectief, maar ook ongezond en voor bepaalde groepen patiënten (hartpatiënten, diabetici) zelfs gevaarlijk.

Diëtiste Ellen Govers verbonden aan het Kenniscentrum Overgewicht concludeert dat de Sonja Bakker methode veel onjuistheden bevat, weinig consequent is en bovenal in strijd is met wat bewezen effectief is en aanbevolen wordt. "Het dieet is te streng en mensen verliezen te snel gewicht. Een gemiddeld dagmenu bestaat uit 900 kcal. In de oorlog bestond het voedselrandsoen op bonnen uit 600kcal en daarvan ging men dood. Normaal geldt voor vrouwen 2000 kcal per dag en een energiebeperkend dieet van 1500 kcal per dag." Het risico op voedseltekorten, het jojo-plus effect en eetstoornissen wordt hiermee in de hand gewerkt.

De methode mist voldoende onderscheid tussen het proces van gewichtsverlies en het proces van gewichtshandhaving, waardoor het geen lange termijn oplossing kan bieden. Bovendien blijft de oorzaak van het overgewicht onbehandeld en daardoor continu aanwezig, waardoor de strijd nooit zal ophouden. "Mensen die definitief korte metten willen maken met de overtollige kilo's zullen op de eerste plaats moeten weten wat er aan het overgewicht ten grondslag ligt." Aldus psychologe Tatjana van Strien, verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen, die het belang van psychologische begeleiding en behandeling van het type eter nogmaals onderstreept.

De kritiek is eindeloos, maar toch kan er ook wat geleerd worden van de Sonja Bakker methode. In haar simplistische methode maken mensen eenvoudig kennis met regelmaat, kleine porties en caloriearme producten. Mensen lijken niet geïnteresseerd in een beste methode, ze willen alleen maar zien, geloven, bevestigd zien en ervaren dat het werkt! Dat het bij 95% van de diëters ook met deze methode niet zal lukken het lagere gewicht te handhaven is daarmee al snel een zorg voor ‘wie dan leeft'. Wie dan leeft zal zien dat de maatschappij meer mensen met ernstiger overgewicht zal tellen en zal merken dat dat een uitstekende voedingsbodem is voor weer een nieuwe dieetrage.