Aan deze pagina wordt gewerkt!

De Nederlandse Obesitas Vereniging wil een sterke positie voor mensen met ernstig overgewicht (obesitas). Kinderen en hun ouders zijn een belangrijk onderdeel van deze groep mensen. Meer informatie over wat de Obesitas Vereniging doet voor kinderen met overgewicht en hun ouders lees je in het beleidsplan kinderen.

- Wanneer is er sprake van overgewicht en obesitas?

- Hoe vaak komt het voor?

- De ontwikkeling sinds 1980

- Pesten en vooroordelen?

- Behandeling?

- Tips voor ouders?

Wanneer is er sprake van overgewicht en obesitas?

Wil je weten of je kind overgewicht of obesitas heeft? Of ben je zelf jonger dan 18 en wil je het graag weten? Met de BMI meter van de NAE kun je een aardige inschatting maken. Deze BMI meter geeft een indicatie. Is er sprake van overgewicht of obesitas, ga dan niet zelf knutselen met diëten, maar raadpleeg dan de huisarts.

Voor kinderen gelden, anders dan bij volwassenen en de BMI, de afkapwaarden naar overgewicht en obesitas uit de volgende grafiek. Hierin wordt extra rekening gehouden met het ontwikkelingsstadium.

Fig.2 Internationale afkapwaarden BMI overgewicht en obesitas,
gebaseerd op BMI 25 en 30 kg/m2 op 18 jarige leeftijd.

Bovenstaande figuur geeft een aardig beeld van het natuurlijke verloop van het gewicht tijdens de groei. Voor het stellen van een diagnose in de spreekkamer verwijzen wij u door naar de Zorgstandaard. Op pagina 58 van de Zorgstandaard Obesitas staat een tabel met afkapwaarden, gebaseerd op de landelijke groeistudie in 1980, die hiervoor gebruikt wordt.

Hoe vaak komt het voor?

Volgens de Landelijke Groeistudie van TNO is het percentage kinderen met overgewicht meer dan verdubbeld sinds de jaren tachtig. Veertien procent van de autochtone kinderen is te zwaar, maar bij kinderen van Turkse of Marokkaanse afkomst ligt dat veel hoger: van de Turkse kinderen is bijna een derde te dik.

Het percentage kinderen met obesitas, ongezond overgewicht, is nog sneller gestegen in diezelfde periode, maar is nog steeds vrij laag: slechts twee procent van de autochtone kinderen is echt obees. Bij de allochtone kinderen ligt het drie tot vier keer zo hoog, maar zelfs als je dat meerekent, doet Nederland het op Europese schaal goed. Volgens onderzoek van het internationale samenwerkingsverband OECD heeft Nederland samen met Roemenië en Letland het laagste percentage dikkerdjes van heel Europa. Ter vergelijking: in Spanje is het percentage dikke kinderen twee keer zo hoog als hier, in Malta zelfs drie keer.

De ontwikkeling sinds 1980

Het percentage kinderen met overgewicht is in Nederland in de periode 1980-1997 meer dan verdubbeld. In 1980 had 3-5% van de 5- tot 11-jarige jongens te maken met overgewicht, in 1997 was dit 7-12%. Het percentage jongens met obesitas in deze leeftijdsgroep is zelfs verachtvoudigd, van 0,1-0,3% tot 0,8-1,6%. Bij meisjes zijn vergelijkbare trends gevonden.


Sinds 1997 is het percentage 4-tot 15-jarige jongens met overgewicht gestegen van gemiddeld 8% naar 13,6%. Meisjes blijken vaker te dik te zijn dan jongens, vooral op jongere leeftijd. Gemiddeld is de prevalentie van overgewicht bij 4- tot 15-jarige meisjes gestegen van 11,4% in 1997, naar 16,8% in 2002-2004. Bij jongens van 4 tot en met 15 jaar is de prevalentie van obesitas gestegen van 0,2% in 1980 naar 1,0% in 1997 en vervolgens naar 2,6% in 2002-2004. Bij meisjes waren die cijfers 0,5% (1980), 1,3% (1997) en 3,3% (2002-2004). Zie ook de volgende grafiek uit de Nota Overgewicht, 2009.

Pesten en vooroordelen

Dikke kinderen worden vaak gepest en buitengesloten, dit heeft grote gevolgen. Wij vinden het een zorgwekkend gegeven dat de kwaliteit van leven van een kind met obesitas vergelijkbaar is aan die van kinderen met kanker. Onderzoek van de Radboud Universiteit Nijmegen liet in april 2008 zien dat 92% van de kinderen tussen zeven en tien jaar wel eens een dieet gevolgd heeft. Dit is een gevaarlijke ontwikkeling omdat de dieetgeschiedenis een belangrijke voorspeller is van eetstoornissen als Anorexia, Boulimia Nervosa en Binge Eating Disorder worden op steeds jongere leeftijd gesignaleerd.

Heb je/ heeft uw kind last van overgewicht, bespreek dan met de huisarts wat jullie daar samen aan kunnen doen. Het is erg belangrijk dat het middel nooit erger is en wordt dan de kwaal.

Behandeling

Door het ontwikkelen van een gezondere leefstijl verminderen de gezondheidsrisico's van kinderen met overgewicht. Positieve effecten zijn ook bij een klein beetje gewichtsverlies of gewichtsstabilisatie al meetbaar. Bijvoorbeeld als de lichaamssamenstelling verbetert (verhouding spiermassa/ vetmassa), als de buikomvang afneemt of als de conditie verbetert. Maar ook medicijnen die het kind eventueel gebruikt voor diabetes of hart/ vaataandoeningen kunnen minder worden als zij goed behandeld zijn. Het aantal dagen dat zij ziek thuis zijn van school en/ of werk verminderen en vaak komen kinderen beter in hun vel te zitten.

Het voornaamste is dat het op korte termijn van één jaar behaalde gewichtsverlies, ook op langere termijn van tenminste vier jaar wordt behouden. De volgende indeling wordt voorgesteld in de obesitas behandelrichtlijn om het behandelresultaat te kunnen evalueren:

Gewichtsverlies en -behoud 0-4,9%: beperkt succesvol
Gewichtsverlies en -behoud 5-9,9%: matig succesvol
Gewichtsverlies en -behoud 10-14,9%: succesvol
Gewichtsverlies en -behoud >15%: zeer succesvol

 

Bij kinderen kan bij toenemende lengte, gewichtsbehoud al succesvol worden genoemd. Dat gaat gepaard met een afname in BMI en vetpercentage. Optimale groei met daarbij een afbuiging naar lagere percentielcurven voor BMI naar leeftijd zijn voor een kind of adolescent de maat voor een succesvolle therapie. Raadpleeg bij overgewicht en obesitas altijd de huisarts.

Tips voor ouders

Voor ouders van kinderen met overgewicht en obesitas heeft de Obesitas Vereniging een folder ontwikkeld. Hierin staan tips voor een positieve houding, voor gezond eten en voor meer bewegen. Maar ook meer informatie over hoe kinderen te belonen voor goed gedrag, zonder dat daar eten aan te pas komt, hoe om te gaan met (on)zekerheden en heel erg belangrijk: hoe het hele gezin mee kan helpen.

Heb je vragen voor ons, of tips? Dan kunt je deze hier kwijt aan de Obesitas Vereniging.